Nederlands Soortenregister

Overzicht van de Nederlandse biodiversiteit

Blauwband Pseudorasbora parva

Foto: Frank Spikmans

Indeling

Cyprinidae [familie]
Pseudorasbora [genus] (1/1)
parva [soort]

De blauwband wordt drie jaar oud. Na één jaar zijn ze al geslachtsrijp. De paaitijd valt in de periode maart-juni. In deze periode kan het vrouwtje drie tot vier keer paaien. De eitjes worden afgezet op waterplanten, takken of stenen. Het mannetje houdt deze schoon en bewaakt de eitjes tot ze uitkomen. In zijn voedselkeuze is de soort niet selectief. Deze omnivoor eet een breed scala aan ongewervelden en ook plantaardig materiaal. Juvenielen eten voornamelijk zoö- en fytoplankton maar ook watervlooien. Adulten eten onder meer muggenlarven,  viseieren en -larven, slakken, insectenlarven, mosselkreeftjes en algen.  Het succes van deze invasieve exoot wordt verklaart door zijn levenswijze: omnivoor, snelle generatiewisseling, meerdere broedsels per jaar en broedzorg (Froese & Pauly 2015, Spikmans et al. 2010, Kottelat & Freyhof 2007).

Verplaatsing De blauwband heeft zich zeer snel verspreid over Europa, sinds zijn introductie in de jaren 1960. De mens heeft daar in belangrijke mate aan bijgedragen door transport van de vis tussen viskwekerijen, het uitzetten van vissen voor de sportvisserij en in mindere mate vanuit de aquariumhouderij. De blauwband is waarschijnlijk vaak onbedoeld in kwekerijen van andere soorten als karper, grootkopkarper en zilverkarper aanwezig.. Bekend is dat de uitzetting van forellenbroed samen met blauwband een actieve bijdrage heeft geleverd aan de verspreiding van de soort. Blauwbanden worden in forellenkwekerijen ook wel gekweekt om te dienen als aasvisjes voor de hengelsport.  Nadat de blauwband zich eenmaal heeft gevestigd, is deze goed in staat zich actief te verspreiden, gebruikmakend van stromende wateren zoals beken en rivieren (Gozlan et al. 2010, Spikmans et al. 2010).

Bron

Auteur(s)

Spikmans, F.