Nederlands Soortenregister

Overzicht van de Nederlandse biodiversiteit

Nijlgans Alopochen aegyptiaca

Foto: Hans van der Meulen

Indeling

Anatidae [familie]
Alopochen [genus] (1/1)
aegyptiaca [soort]

Het natuurlijke verspreidingsgebied van de Nijlgans ligt in Afrika ten zuiden van de Sahara, met een uitloper langs de Nijl tot in Egypte. Al in de 18e eeuw is de Nijlgans naar Engeland gebracht, waar momenteel ruim 300 paren huizen (Blair et al. 2000). In Nederland (1967) en België (rond 1980) wisten ontsnapte vogels zich met succes te handhaven. Nazaten van deze vogels broeden tot aan de Deense grens en Noord-Frankrijk. De soort is bij ons standvogel, maar verschijnt buiten het broedseizoen tot enkele honderden kilometers buiten de broedgebieden (Lensink & Sage in druk). De Nijlgans broedt doorgaans in de nabijheid van water. De nesten worden op de grond gemaakt, in oude boomnesten (roofvogels), boomholten (knotwilgen) en op gebouwen. De legsels omvatten gemiddeld 7-8 eieren, met als maximum 16 (en die kunnen allemaal uitkomen!). Nijlganzen broeden vanaf hun tweede levensjaar en produceren één legsel per jaar.

Bron

Auteur(s)

Lensink, R.

Publicatie