Nederlands Soortenregister

Overzicht van de Nederlandse biodiversiteit

Chinese wolhandkrab Eriocheir sinensis

Foto: Frank Stokvis

Indeling

Grapsidae [familie]
Eriocheir [genus] (1/1)
sinensis [soort]

Het rugschild van de Chinese wolhandkrab is bijna vierkant en iets breder dan lang. Aan de zijkant van dit rugschild zitten vier tanden, waarvan de achterste twee niet erg opvallend zijn. De schaarpoten zijn sterk ontwikkeld en de palm van de scharen is dicht behaard. Bij vrouwtjes is de beharing minder dan bij mannetjes. De kleur van het rugschild is grijsgroen tot donkerbruin. De rugschildbreedte is tot 8,5 cm. Volwassen Chinese wolhandkrabben wegen meestal tussen de 80 en 200 gram, uitschieters tot een halve kilo zijn bekend. Het achterlijf van de wolhandkrab is, net als bij andere krabben, teruggevouwen onder het voorlichaam. Bij vrouwtjes bestaat dit uit zeven brede, langs de rand behaarde fragmenten. Het achterlijf van mannetjes is veel smaller en bovendien zijn de segmenten 3-6 met elkaar vergroeid.

Gelijkende soorten De Chinese wolhandkrab komt zowel in zoete/brakke wateren als in het zoute water van de Noordzee voor. In de zoete en brakke wateren van Nederland kunnen naast de Chinese wolhandkrab nog twee andere soorten krabben gevonden worden: de blauwe zwemkrab en het Zuiderzeekrabbetje. De Chinese wolhandkrab is veruit de grootste van deze drie soorten (breedte van het rugschild tot 8,5 cm, bij de blauwe zwemkrab en het Zuiderzeekrabbetje is dat maximaal 2,3 cm) en laat zich eenvoudig van de andere twee onderscheiden door de hoge dichtheid aan haren op de scharen. Een ander goed kenmerk zijn de vier stekels tussen de ogen. De twee andere soorten hebben hier meer of minder stekels. Overigens zijn ook de blauwe zwemkrab en het Zuiderzeekrabbetje exoten, en wel uit Noord-Amerika. Zoetwaterkrabben komen in Europa van nature alleen voor in landen rond de Middellandse zee en de Zwarte Zee (Horssen et al. 2007).

In het zoute water van de Nederlandse Noordzee komen meer dan dertig soorten krabben voor. Het herkennen van de Chinese wolhandkrab temidden van andere zoute soorten is dan ook lastiger. De volgende kenmerken zijn onderscheidend (Adema 1991):

  • alle looppoten zijn normaal ontwikkeld en zijn onderling niet opvallend verschillend;
  • de carapax (ook wel rugschild genoemd) is vrijwel vierkant;
  • op de zijrand van de carapax staan vier tanden;
  • de voorrand van de carapax heeft tussen de ogen vier tanden.

Volwassen krabben hebben bovendien ‘wol’ op de scharen. Jonge krabbetjes zijn moeilijker te onderscheiden van ander soorten, en in dat geval is het verstandig de bovengenoemde kenmerken goed te controleren.

De meest voorkomende (zoutwater)krabben, waaronder de Chinese wolhandkrab, kunnen op naam gebracht worden met de NJN Krabbenzoekkaart

Bron

Auteur(s)

Waart, S. de