Nederlands Soortenregister

Overzicht van de Nederlandse biodiversiteit

Argentijnse mier Linepithema humile

Foto: April Nobile

Indeling

Formicidae [familie]
Linepithema [genus] (3/0)
humile [soort]

Voorkomen

StatusExoot. Minder dan 10 jaar zelfstandige handhaving. (2c)
Habitatland
ReferentieExotic ants in the Netherlands
ExpertLoon, A.J. van (EIS Kenniscentrum Insecten en andere ongewervelden)

Zoals de naam al indiceert gaat het hier om een soort die zijn oorsprong heeft in het stroomgebied van de Paraná-rivier van subtropisch Argentinië, Brazilië, Paraquay en Uruguay Wetterer et al. 2009). In de vorige eeuw heeft Linepithema humile kans gezien om zich te vestigen in alle continenten, met uitzondering van Antarctica. Aanvankelijk liftten ze over zee mee met zeeschepen, later ook met vliegtuigen. Eenmaal gevestigd blijken ze ook lokaal met allerlei transportmiddelen nieuwe gebieden te koloniseren. In Europa is de Argentijnse mier bekend vanaf de 19e eeuw, het eerst in Madeira en Portugal.

Argentijnse mieren behoren tot ’s werelds ernstigste plaagorganismen. Buitenshuis komen de mieren vooral in subtropische gebieden voor, maar binnen kunnen ze echt overal gevonden worden. De kolonies kunnen tot flinke proporties uitgroeien en de grote hoeveelheid mieren zijn dan enstigste plaagdieren geworden.

De Argentijnse mier werd in 1976 voor het eerst in Nederland waargenomen. De mieren worden met enige regelmaat onderschept door controleurs van de nieuwe Voedsel- en Warenautoriteit tijdens inspecties van geïmporteerde planten. Er is dus een geregelde import van Argentijnse mieren in Nederland en het is duidelijk dat de soort zich af en toe in huizen vestigt. Dit leidt soms tot overlast, maar door bestrijding kan het probleem snel opgelost worden. Als de mieren echter niet tijdig opgemerkt of bestreden worden, kan de mier zich zeer succesvol uitbreiden door nestafsplitsingen. Er zijn vele koninginnen die nieuwe mieren produceren, de overlast neemt toe en bestrijding wordt steeds lastiger.

In Sint Maarten (Noord-Holland) en Cappelle aan de IJssel (Zuid-Holland) is zo al ruim twintig jaar overlast van de mieren die verspreid over twee gebouwen voorkomen. De miertjes worden zelfs buiten de gebouwen gezien. Het was wel bekend dat Argentijnse mieren ‘s zomers buitenshuis voorkomen, maar er werd altijd aangenomen dat ze ’s winters weer naar binnen trokken. Door onderzoek van Peter Boer en Mike Brooks is aangetoond dat ook nesten buiten gebouwen de winter door kunnen komen. Dit maakt de bestrijding nog lastiger, omdat veel onduidelijker is waar alle nesten zich bevinden.

 

Waarnemingen doorgeven

Waarnemingen van deze soort kunnen worden doorgegeven via de portals waarneming.nl en telmee.

Bron

Auteur(s)

Noordijk, J.