Nederlands Soortenregister

Overzicht van de Nederlandse biodiversiteit

Batocera lineolata

Foto: Theodoor Heijerman

Indeling

Lamiinae [subfamilie]
Batocera [genus] (1/0)
lineolata [soort]

Over de levenswijze is weinig gepubliceerd in westerse tijdschriften. De meeste kennis is opgedaan in China, Korea en Japan en gepubliceerd in Aziatische schriften met slechts summiere samenvattingen waarvan een deel onder de naam Batocera horsfieldi. Onderstaande informatie is voor een groot deel afkomstig uit dergelijke bronnen.

Vrouwtjes maken met hun kaken een scheur in de bast en leggen vervolgens de eieren in het onderliggende hout (Akutsu & Kuboki, 1981). De eieren worden in het algemeen in de lagere delen van de stam afgezet in bomen ouder dan 30 jaar en met een diameter groter dan 15 cm (Kojima, 1929 in NVWA, 2013). De eieren komen na gemiddeld acht dagen uit (Lee et al., 2002). Er is één generatie per 2-3 jaar (Lee et al., 2002; Yu et al., 2007 in Yang et al., 2013). Na de laatste overwintering sluipen de volwassen kevers vanaf eind april uit. Vervolgens voeden ze zich met verse schors van waardbomen. Deze worden gevonden aan de hand van vluchtige stoffen die de waardbomen verspreiden (Yang et al., 2011). Na deze rijpingsperiode vindt de paring plaats (Yang et al., 2012) waarna de cyclus zich kan herhalen.

Het klimaat in het oorspronkelijk verspreidingsgebied is warmer dan het Nederlandse klimaat. Alhoewel de soort in Azië ook in wat koudere montane gebieden voorkomt zijn de gemiddelde wintertemperaturen daar nog altijd hoger dan die in Nederland. De NVWA (2013) schat de kans dat Batocera lineolata zich kan vestigen in Nederland als gemiddeld in.

Bron

Auteur(s)

Colijn, E.O.