Overslaan en naar de inhoud gaan

Slanke poelslak Omphiscola glabra

Indeling

Lymnaeidae [familie]
Omphiscola [genus] (1/1)
glabra [soort]

Schelp

Onmiskenbaar, slank kegelvormig, ongeveer driemaal zo hoog als breed; met tot 7H windingen, de eerste vrij bol, de latere in toenemende mate afgevlakt. Laatste omgang niet opgeblazen, meer dan de helft van de totale schelphoogte innemend. Top iets afgerond. Mondopening ca. N van de totale schelphoogte, ovaal, bovenaan toegespitst. Mondrand scherp, aan de pariëtale zijde met een dun maar duidelijke callus en alleen aan de columellaire zijde omgeslagen; bij volwassen exemplaren aan de binnenzijde verdikt. Een navel ontbreekt. Sculptuur bestaande uit fijne groeilijnen, gesneden door een fijne spiraalsculptuur. Lichtbruin, soms iets geel- of roodachtig, vaak met een donkere aanslag bedekt.

Juveniele schelpen zijn in verhouding minder slank en zouden verwisseld kunnen worden met uiterst slanke exemplaren van Stagnicola. De mondopening van de Stagnicola-soorten is echter relatief groter, en vooral ook wijder. Ook kan verwarring optreden met lege huisjes van de landslak Cochlicopa lubrica(Zie Gittenberger Et Al. 1984).

Afmetingen: hoogte tot 20 mm, breedte tot 7 mm.

Dier

Dier grijs; zie voor de mantelpigmentatie Jackiewicz (1993). De prostaat is ongeplooid (Jackiewicz 1989). Zie ver­der Germain (1931), Hubendick (1951b) en Jackiewicz (1992a-B).

Opmerkingen

Glöer & Meier-Brook (1994) plaatsen O. glabra in het geslacht Stagnicola en beelden een terminale doorsnede van de prostaat af met een duidelijke plooi. Volgens Jackiewicz (1992b) heeft O. glabra echter geen plooi in de prostaat. Wij handhaven daarom het geslacht Omphiscola in navolging van Falkner (In Druk).

Bron

Auteur(s)

Vries, J.N. de, Velde, G. van der, Meijer, T., Kuiper, J.G.J., Kuijper, W.J., Janssen, A.W., Gittenberger, E.

Publicatie