Overslaan en naar de inhoud gaan

Posthorenslak Planorbarius corneus

Foto: Marion Haarsma

Indeling

Planorbidae [familie]
Planorbarius [genus] (1/1)
corneus [soort]

Schelp

Stevig, groot, ongeveer 2½x zo breed als hoog. Jonge exemplaren zijn relatief hoger, zeer jonge zijn zelfs even hoog als breed. Bovenzijde iets, onderzijde vrij diep ingezonken. Tot 6 bolle windingen, die regelmatig en snel in grootte toenemen en duidelijk van elkaar gescheiden zijn door een diepe naad. Laatste winding naar de mondopening toe niet of nauwelijks verwijd, met een zwakke kiel rond de navel aan de bovenzijde. Bij de mondopening gemeten neemt de laatste winding aan de onderzijde ongeveer 1/3 van de breedte in beslag en is er bijna 2 tot ruim 2½x zo breed als de voorlaatste winding. Mondopening ongeveer even breed als hoog, iets ingesneden door de voorlaatste winding. Callus dun en soms doorzichtig. Mondrand regelmatig gebogen, scherp, niet continu.

Oppervlak mat glanzend, met fijne groeilijnen; de oudste windingen met een meestal duidelijke spiraalsculptuur, die op het jongere deel van de schelp vervaagt. Vooral op de oud­ste windingen is er daardoor een netvormig patroon aan­wezig (vaak goed te zien op jonge exemplaren), terwijl op de latere windingen de sculptuur van groeilijnen overheerst. Behalve de fijne spiralen kunnen er ook enkele grove, onregelmatige spiralen aanwezig zijn; hierdoor ontstaat dan een hamerslagsculptuur. Vaak zijn bij grote schelpen oude mondranden duidelijk te zien als grove radiale richels. De protoconch heeft een microscopisch fijne sculptuur van spiraalsgewijs geplaatste putjes (bij 150x vergroting zichtbaar bij goede conservering). Schelp geelgrijs tot geelgroen, donker bruinrood en/of bruin, de bovenzijde meestal lichter dan de onderzijde.

Afmetingen: tot 35 mm breed en 15 mm hoog, maar meestal kleiner, bijv. 15-30 mm breed, 10-12 mm hoog.

Dier

Het lichaam van de slak is grijsbruin, met soms wat lichter ge­kleurde, vaak roodachtige tentakels. Zie Baker (1945) voor een beschrijving en een afbeelding van de genitalia.

Bron

Auteur(s)

Vries, J.N. de, Velde, G. van der, Meijer, T., Kuiper, J.G.J., Kuijper, W.J., Janssen, A.W., Gittenberger, E.

Publicatie