Nederlands Soortenregister

Overzicht van de Nederlandse biodiversiteit

Grote gele kwikstaart Motacilla cinerea

Foto: Louis Westgeest

Indeling

Motacillidae [familie]
Motacilla [genus] (9/5)
cinerea [soort]

Het broedgebied van de nominaatvorm van de Grote Gele Kwikstaart loopt van het uiterste westen van Europa en Noordwest-Afrika tot Iran. Door de in de broedtijd sterke binding aan natuurlijke, snelstromende beken en rivieren, vertoont het voorkomen in de vlakkere delen van het broedareaal flinke hiaten. Wel vond juist hier gedurende de laatste anderhalve eeuw de nodige uitbreiding plaats, waarbij Nederland vermoedelijk al aan het eind van de 19e eeuw werd gekolo­niseerd. Aan het eind van de 20e eeuw schoof de verspreiding in Scandinavië nog steeds in noordelijke richting op. In zijn verspreidingsgebied, met uitzondering van de noordelijke delen, is de Grote Gele Kwikstaart veelal stand- en zwerfvogel. De zuidelijkste overwinteringsgebieden liggen in Noord-Afrika. Onze eigen broedvogels vertonen een toenemend trekgedrag van zuid naar noord binnen Nederland; de indruk bestaat dat broedvogels de laatste jaren in toenemende mate blijven overwinteren. De doortrek van noordelijke vogels voltrekt zich in het voorjaar vooral in maart, aan de kust doorlopend tot in mei. Broedvogels in het binnenland kunnen dan al begonnen zijn aan hun tweede broedsel! De nesten bevinden zich meestal in natuurlijke of kunstmatige holtes en zijn fraai met haren gevoerd. Nestkasten worden met graagte geaccepteerd. De broedtijd loopt van eind maart tot in juli. Twee legsels is de regel, maar het aantal pogingen kan oplopen tot wel vier. 

Bron

Auteur(s)

Kwak, R.

Publicatie