Overslaan en naar de inhoud gaan

Kuifleeuwerik Galerida cristata

Indeling

Alaudidae [familie]
Galerida [genus] (1/1)
cristata [soort]

Herkenning
17 cm. Gemakkelijk te herkennen aan lange, puntige kuif, evenals theklaleeuwerik; kuif valt zelfs op als hij niet opgericht is. Verenkleed bruin of grijsbruin, met brede, soms vage, zwarte streping op bovendelen. Kop wat meer getekend dan van veldleeuwerik, met donkere snorstreep en donkere streep onder oog. Borst sterk donker gestreept, doorlopend tot op flanken. Buik grijzig wit. Staart vrij kort, zwart met bruingele buitenste staartpennen. Snavel lang en sterk. Volle borst geeft zware, ronde verschijning. Vlucht sterk golvend, met flappende vleugelslagen. Brede vleugels en korte staart veroorzaken compacte indruk. Meestal alleen, paren of in families, maar nooit in groepen. Gewoonlijk vrij tam en rent liever dan op te vliegen.

Verspreiding en voorkomen
Komt voor in Europa (ontbreekt in Scandinavië en in het Verenigd Koninkrijk), Midden-Oosten, Noord-Azië tot Zuid-Korea, Noord- en Centraal-Afrika. In Nederland uiterst schaarse broedvogel, jaarrond aanwezig.

Biotopen
In Nederland waren de laatste broedgevallen voornamelijk te vinden op in aanbouw zijnde nieuwbouwwijken.

Voedsel
Ongewervelde dieren, zaden en bladeren, neemt voedsel van grond of graaft met snavel.

Eieren
Aantal eieren in legsel meestal 3-5, soms 6. Buikig. Glad en glanzend. Grijsachtig-wit of geelbruinachtig-wit. Fijn geelachtig, geelachtig-bruin of lichtgrijs gespikkeld en onduidelijk gevlekt. De tekens kunnen een begrensde zone of een kap aan de stompe pool vormen. Formaat 22,7 x 16,8 mm.

Geluiden
Roep een zacht 'dju-ie' of 'tsuwieuw'. Zingt vanaf de grond, lage zangpost of in vlucht. Zang fluitend en in korte herhaalde frasen, 'die-die-lieuw' of variaties hierop. Imiteert ook andere vogels.

Publicatie