Overslaan en naar de inhoud gaan

Zwarthaar-bandzweefvlieg Epistrophe nitidicollis

Foto: Susanne Kuijpers

Indeling

Syrphidae [familie]
Epistrophe [genus] (10/8)

Epistrophe nitidicollis vliegt vaak tussen struiken en kruiden, meestal niet boven ooghoogte. Hij rust regelmatig op zonbeschenen bladeren en bezoekt meestal witte of gele bloemen. Mannetjes vertonen geen opvallend territoriumgedrag.

De eieren worden los van elkaar gelegd op diverse bomen, heesters en kruidachtige planten, bij voorkeur lager dan een meter boven de grond. De eieren komen na circa drie weken uit. De larven voeden zich met diverse soorten bladluizen op uiteenlopende kruiden, struiken en bomen. In Nederland zijn larven gevonden op zuring (pers. obs. J. van Steenis) en gewone vogelkers (pers. obs. M. Reemer). Na ongeveer drie weken zijn ze volgroeid en brengen ze de zomer en de erop volgende winter in diapauze door tussen dode bladeren in de strooisellaag. In het voorjaar verpopt de larve zich in 2-3 weken tot vlieg (Chandler 1968a, b, Dixon 1960, Láska & Starý 1980, Mazánek et al. 2001).

Bron

Auteur(s)

Reemer, M.

Publicatie