Overslaan en naar de inhoud gaan

Boszandloopkever Cicindela sylvatica

Foto: Rob Versteeg

Indeling

Cicindelinae [subfamilie]
Cicindela [genus] (4/4)
sylvatica [soort]

Dagactief. Anders dan de andere Cicindela-soorten jaagt C. sylvatica op de grote rode bosmieren van het geslacht Formica. Voortplanting vooral in het voorjaar vanaf april, met een uitloop tot juli. Over de ontwikkeling is niet veel bekend, mogelijk is ook die tweejarig. Voor de biologie van Cicindela-soorten zie C. campestris. De larve is opgenomen in de tabellen van Arndt (1991) en Luff (1993). De drie larvale stadia zijn beschreven door Puchkov (1991).

Dispersie: macropteer; C. sylvatica is een zeer goede loper en vlieger. Hij vliegt langer en hoger dan andere soorten en landt daarbij ook op struiken en lage takken van bomen (Lindroth 1985).

Bron

Auteur(s)

Turin, H.

Publicatie

  • Turin, H. 2000. De Nederlandse loopkevers, verspreiding en oecologie (Coleoptera: Carabidae). Nederlandse Fauna 3: 1-666. Nationaal Natuurhistorisch Museum Naturalis, KNNV Uitgeverij & European Invertebrate Survey-Nederland, Leiden.