Overslaan en naar de inhoud gaan

Moerasschallebijter Carabus clatratus

Foto: Tim Faasen

Indeling

Carabinae [subfamilie]
Carabus [genus] (16/15)
clatratus [soort]

Een zeer hygrofiele soort; in Nederland in hoogvenen, natte dopheidevelden, laagveenmoerassen, natte duinvalleien en kwelders op de Waddeneilanden. Ook in Denemarken op schorren (Lindroth 1985). Voor Midden-Europa over het algemeen gemeld van veengrond (Horion 1941). De soort bevindt zich doorgaans op zeer natte bodem met een weelderige vegetatie en ondiep water (5-15 cm). Ontbreekt echter in de veenmoszone (Lindroth 1945, 1985). Uit onderzoek van veenlijken blijkt dat C. clatratus zowel in dierlijke als menselijke overschotten uit de Middeleeuwen, zeer vaak en in aantal werd aangetroffen (Hakbijl 1990). Als we dit in verband brengen met het landschap uit die tijd, kunnen we aannemen dat het, wellicht tot halverwege de 19e eeuw, een relatief algemeen voorkomende soort moet zijn geweest. Op de Britse Eilanden ook op minder natte veenbodem met een weelderige plantengroei (Lindroth 1974). Huk (1998) vermoedt dat niet alleen het substraat voor het voorkomen van de soort van belang is, maar ook het ontbreken van potentiële concurrenten.

Vangpotten. Groep: Z(A) (1 serie, 7 individuen); onvoldoende gegevens.

Bron

Auteur(s)

Turin, H.

Publicatie

  • Turin, H. 2000. De Nederlandse loopkevers, verspreiding en oecologie (Coleoptera: Carabidae). Nederlandse Fauna 3: 1-666. Nationaal Natuurhistorisch Museum Naturalis, KNNV Uitgeverij & European Invertebrate Survey-Nederland, Leiden.