Overslaan en naar de inhoud gaan

Blauwe schallebijter Carabus intricatus

Indeling

Carabinae [subfamilie]
Carabus [genus] (16/15)
intricatus [soort]

Vooral ’s nachts, maar soms ook overdag actief. De weinige handvangsten komen uit de nazomer tot september. In Bulgarije ook eind september nog met vangpotten gevangen. Voortplanting in het voorjaar (Lindroth 1985, Larsson 1939), met een diapauze in de zomer (Marggi 1992). De imago’s kennen twee activiteitsperioden, namelijk april-juni en augustus-september (Burmeister 1939). Copula soms al in het najaar, in de regel echter in het voorjaar; observatie van copulaties bij een kweek al in maart (Hurka 1973). Ovipositie in Frankrijk in april-mei (Raynaud 1943, Puissegur 1957). Bij kweek tot maximaal 10 eieren per dier (Hurka 1973). Larven, L1: juni, L2: juni-zomer, L3 in augustus. ‘Verse’ dieren in de herfst, in bergachtige streken vanaf augustus. De totale ontwikkeling duurt ca. 62-75 dagen; ei ca. 12 dagen, de gezamenlijke larve-stadia 35-45 dagen en de pop 15-18 dagen. De dieren overwinteren in groepen tot vijftig exemplaren in boomstronken of tussen de wortels van bomen. Luff (1998) vermoedt een tweejarige ontwikkelingsduur voor de Britse populatie. Het voedsel van deze soort bestaat voor een belangrijk deel uit slakken. De larve is opgenomen in de tabellen van Arndt (1991) en Luff (1993).

Dispersie: brachypteer, maar een goede loper.

Bron

Auteur(s)

Turin, H.

Publicatie

  • Turin, H. 2000. De Nederlandse loopkevers, verspreiding en oecologie (Coleoptera: Carabidae). Nederlandse Fauna 3: 1-666. Nationaal Natuurhistorisch Museum Naturalis, KNNV Uitgeverij & European Invertebrate Survey-Nederland, Leiden.