Overslaan en naar de inhoud gaan

Dromius schneideri

Indeling

Harpalinae [subfamilie]
Dromius [genus] (6/5)
schneideri [soort]

Nachtactief. Gedurende het zomerhalfjaar moeilijk waar te nemen doordat hij dan hoog in de kruinen leeft. Voortplanting in het voorjaar, maar ook in herfst kunnen adulten worden aangetroffen (Büngener et al. 1991). Overwintering als imago, volgens Marggi (1992) met name onder stukjes dennenschors die door de dieren onderaan de stammen worden losgewerkt. De dieren prederen waarschijnlijk op larven van boktorren (Cerambycidae); Burmeister (1939) en Jeannel (1941) meldden het voorkomen in de gangen van Dendroctonus micans. De larve is onbekend.

Dispersie: macropteer. De vleugels zijn volledig ontwikkeld (Lindroth 1945). Een vliegwaarneming door Honek & Pulpan (1983).

Bron

Auteur(s)

Turin, H.

Publicatie

  • Turin, H. 2000. De Nederlandse loopkevers, verspreiding en oecologie (Coleoptera: Carabidae). Nederlandse Fauna 3: 1-666. Nationaal Natuurhistorisch Museum Naturalis, KNNV Uitgeverij & European Invertebrate Survey-Nederland, Leiden.