Overslaan en naar de inhoud gaan

Tweevlekschorsloper Dromius fenestratus

Indeling

Harpalinae [subfamilie]
Dromius [genus] (6/5)

Nachtactief. Voortplanting in het voorjaar en de voorzomer. In het zomerseizoen op de stammen en takken van bomen en struiken. De overwintering vindt plaats als imago aan de voet van bomen, achter schors. De adulten kunnen het gehele jaar door worden gevonden (Büngener 1991, Marggi 1992). De larve is onbekend.

Dispersie: macropteer. Hij beschikt over optimaal ontwikkelde vleugels en volledig ontwikkelde vliegspieren (Desender 1989a). Hij vliegt ’s avonds en wordt aangetrokken door licht (Burmeister 1939).

Bron

Auteur(s)

Turin, H.

Publicatie

  • Turin, H. 2000. De Nederlandse loopkevers, verspreiding en oecologie (Coleoptera: Carabidae). Nederlandse Fauna 3: 1-666. Nationaal Natuurhistorisch Museum Naturalis, KNNV Uitgeverij & European Invertebrate Survey-Nederland, Leiden.