Overslaan en naar de inhoud gaan

Kleine roodpoothalmkruiper Harpalus griseus

Indeling

Harpalinae [subfamilie]
Harpalus [genus] (33/29)
griseus [soort]

Indeling

Harpalinae [subfamilie]
Harpalus [genus] (33/29)
griseus [soort]

Voorkomen

StatusOorspronkelijk. Minimaal 10 jaar achtereen voortplanting. (1a)
Habitatland
ReferentieCarabidae. In: Catalogus van de Nederlandse kevers (Coleoptera)
ExpertTurin, H.

Areaal

Palearctische soort. Van Zuid-Scandinavië zuidelijk tot in Noord-Afrika en vanaf Frankrijk tot in China en Japan. Ook op de Azoren. Areaalkarakteristiek: 9, Nederland: submarginaal.

Verspreiding in Nederland

In Nederland vrij zeldzaam, hoofdzakelijk in Limburg (o.a. de Peel), op de Veluwe en op de Utrechtse Heuvelrug verbreid. Recentelijk ook uit Drenthe bekend. Niet op de Britse Eilanden. In Denemarken zeer zeldzaam, vooral zwervers uit Midden-Europa (Bangsholt 1983); op de Rode Lijst (Jørum 1995). In Fennoscandië alleen in het uiterste zuiden van Zweden min of meer gevestigd (Lindroth 1945, 1986). In Duitsland vermeldde Horion (1941) de soort vooral als plaatselijk niet zeldzaam in het noorden en oosten. In West- en Zuid-Duitsland niet algemeen en in het Rheinland uitgesproken zeldzaam (Horion 1941). Niet op de faunalijst van Bremen (Mossakowski 1991) en als bedreigd opgevoerd voor de omgeving van Berlijn (Barndt et al. 1991). In Zwitserland blijkt de soort vrij algemeen te zijn en Marggi (1992) vermeldde hem ook voor grotere delen van Midden-Europa. In België verbreid, maar veel oude waarnemingen (Desender 1986). In Vlaanderen als bedreigd op de Rode Lijst (Desender et al. 1995).

Status: in Nederland en het omliggend gebied is het aantal waarnemingen overal teruggelopen (Desender & Turin 1986, 1989).

Bron

Auteur(s)

Turin, H.

Publicatie

  • Turin, H. 2000. De Nederlandse loopkevers, verspreiding en oecologie (Coleoptera: Carabidae). Nederlandse Fauna 3: 1-666. Nationaal Natuurhistorisch Museum Naturalis, KNNV Uitgeverij & European Invertebrate Survey-Nederland, Leiden.