Overslaan en naar de inhoud gaan

Moerassnelloper Agonum fuliginosum

Foto: Dick Belgers

Indeling

Harpalinae [subfamilie]
Agonum [genus] (20/18)

Veel over oecologie en biologie van deze soort is te vinden in Wasner (1977). Zeer waarschijnlijk alleen nachtactief. Voortplanting in het voorjaar en de zomer. Larven van juli tot september (Larsson 1939). De tijd waarin de dieren uitkomen duurt zeer lang, ‘verse’ dieren in het najaar vanaf de tweede helft van augustus tot in december (PB). Volgens Dawson (1965) bestaat het voedsel voor het grootste deel uit springstaarten (Collembola, kleinere soorten dan Oxypselaphus obscurus eet) 55%, bladluizen 20%, mijten 13% en spinnen ca. 12%. Bij overlevingsproeven onder water overleefde hij ca. 17 dagen in zout water, hetgeen korter is dan de meeste kustsoorten (Heydemann 1967a), en ca. 50-70 dagen in zoet water (Palmén 1949). De larve is opgenomen in de tabellen van Arndt (1991) en Luff (1993).

Dispersie: dimorf. In België is ca. 25,7% gevleugeld (Desender 1989a) en in Denemarken is dit ca. 17,9%. In Duitsland werden ca. 32,8% gevleugelde exemplaren vastgesteld door Grosseschallau (1979). In Drenthe was het aandeel gevleugelde 28% (Den Boer 1977). Voor het Belgische materiaal werd vastgesteld dat het aandeel van de gevleugelde sterk varieerde zonder dat dit direct verklaard kon worden uit de mate van instabiliteit van de biotopen, bijvoorbeeld door overstromingsfrequenties (Desender 1989a). Bij een deel van de dieren bleken optimaal ontwikkelde vleugels en volledig ontwikkelde vliegspieren aanwezig te zijn. In sommige terrein-typen ontbraken vliegspieren bijna geheel. Op de Britse eilanden doorgaans brachypteer, maar er worden incidenteel gevleugelde exemplaren gemeld, zowel uit Groot-Brittannië als Ierland (Luff 1998). Vliegwaarnemingen o.a. uit Drenthe: mei 2, juni 1 (TVH). Hij behoorde tot de vroege immigranten in de jonge IJsselmeerpolders (Haeck 1971).

Bron

Auteur(s)

Turin, H.

Publicatie

  • Turin, H. 2000. De Nederlandse loopkevers, verspreiding en oecologie (Coleoptera: Carabidae). Nederlandse Fauna 3: 1-666. Nationaal Natuurhistorisch Museum Naturalis, KNNV Uitgeverij & European Invertebrate Survey-Nederland, Leiden.