Overslaan en naar de inhoud gaan

Stomphalssnelloper Agonum dolens

Indeling

Harpalinae [subfamilie]
Agonum [genus] (20/18)
dolens [soort]

Indeling

Harpalinae [subfamilie]
Agonum [genus] (20/18)
dolens [soort]

Voorkomen

StatusOorspronkelijk. Minimaal 10 jaar achtereen voortplanting. (1a)
Habitatland
ReferentieCarabidae. In: Catalogus van de Nederlandse kevers (Coleoptera)
ExpertTurin, H.

Areaal

Palearctische soort. De noordgrens ligt in Noord-Fenno-scandië, de zuidgrens bij Nederland, Midden-Duitsland en Zuid-Polen. Naar het oosten tot het Amoergebied en Kamtsjatka. Areaalkarakteristiek: 7, Nederland: marginaal.

Verspreiding in Nederland

In Nederland vooral in het fluviatiele gebied, zeldzaam. Niet op de Britse Eilanden. In Denemarken zeldzaam en zeker niet gevestigd (Bangsholt 1983); op de Rode Lijst (Jørum 1995). In Noorwegen alleen in het zuidoosten, verder in Fennoscandië zeer verspreid langs rivieren, het meest talrijk in het noorden, tot ca. 69° noorderbreedte (Lindroth 1945, 1986). In Duitsland van de Nederrijn tot de oostgrens, maar in Nordrhein-Westfalen zeer zeldzaam en in de meeste gebieden op de Rode Lijst (Horion 1941, Trautner & Müller-Motzfeld 1995). Niet in Zuid-Duitsland, Oostenrijk en Zwitserland (Marggi 1992). In België één oude vondst in het noorden, tussen Antwerpen en Roosendaal (Desender 1986), echter niet op de Vlaamse faunalijst (Desender et al. 1995).

Status: in Nederland en het omliggend gebied is het aantal vindplaatsen achteruitgegaan, maar mogelijk is er te weinig gezocht. Tot voor kort was de laatste waarneming uit 1927 (zie Turin 1982b). In mei 1983 werd de soort na hoog water opnieuw gevonden in aanspoelsel langs de IJssel bij Fortmond (EP & HT). In 1984 werd hij gevangen langs de Rijn, in een sparrenbosje op enige afstand van de rivier (TH) en in 1985 nog eens in een eikenbosje, evenals de vorige waarneming op de Wageningse Berg. Daarna werd meer gericht naar de soort gezocht en werd hij op diverse plaatsen langs de Rijn gevangen, o.a. in de Blauwe Kamer en bij de haven van Wageningen (Heijerman & Ketelaar 1991). Ook langs de IJssel, bij Lathum (1989): (JW) en Deventer (1990) (RK). Heijerman & Ketelaar (1991) komen in hun uitgebreid overzicht van de recente vangsten in Nederland tot de conclusie dat de soort lange tijd over het hoofd is gezien, mogelijk gedeeltelijk veroorzaakt door zijn zeldzaamheid.

Bron

Auteur(s)

Turin, H.

Publicatie

  • Turin, H. 2000. De Nederlandse loopkevers, verspreiding en oecologie (Coleoptera: Carabidae). Nederlandse Fauna 3: 1-666. Nationaal Natuurhistorisch Museum Naturalis, KNNV Uitgeverij & European Invertebrate Survey-Nederland, Leiden.