Overslaan en naar de inhoud gaan

Amara quenseli

Indeling

Amara [genus]
(37 soorten in totaal / 36 gevestigd)
quenseli [soort] (1/1)

Indeling

Amara [genus]
(37 soorten in totaal / 36 gevestigd)
quenseli [soort] (1/1)

Nachtactief, overdag verborgen onder stenen en bladrozetten. Voortplanting in de herfst. Jonge dieren worden gevonden in juni-juli. Overwintering als larve. In noordelijke streken en in alpiene gebieden (A. q. quenseli) vergt de ontwikkeling mogelijk twee jaar (Lindroth 1986, Luff 1998), maar dit geldt zeer waarschijnlijk niet voor silvicola. De larve is zowel fytofaag als carnivoor (Lindroth 1986). De adulten eten zaden van uiteenlopende plantensoorten, zoals duizendknoop (Persicaria), goudhaver (Trisetum flavescens), veldbies (Luzula), echt walstro (Galium verum) en wilde tijm (Thymus serpyllum) (Burmeister 1939). De larve is opgenomen in de tabellen van Arndt (1991) en Luff (1993).

Dispersie: macropteer/dimorf. A. quenseli is een goed voorbeeld van een soort met grote verschillen in het voorkomen van vleugelmorfen binnen het verspreidingsgebied (Hieke 1990a). In het laagland van Midden-Europa tot in Siberiƫ, zijn de dieren constant langvleugelig. Daarnaast komen volgens Hieke in de verschillende bergstreken van Europa drie hoofdtypen van verkorte vleugels voor, die hij al naar gelang hun verspreiding, in verband brengt met het ontstaan van deze reducties in verschillende ijstijden. Directe vliegwaarnemingen zijn niet bekend en ook experimenten van Lindroth (1945) bleven zonder resultaat. Er zijn echter, naast een enkele vondst in aanspoelsel aan zee (Lindroth 1945), aanwijzingen voor een goed verbreidingsvermogen. Hij werd al vroeg aangetroffen op een zanddepot in Zuidelijk Flevoland. Bovendien was het de eerste, en lange tijd de enige, soort die op het jonge vulkanische eiland Surtsey bij IJsland is gevonden (Lindroth 1970, 1971).

Bron

Auteur(s)

Turin, H.

Publicatie

  • Turin, H. 2000. De Nederlandse loopkevers, verspreiding en oecologie (Coleoptera: Carabidae). Nederlandse Fauna 3: 1-666. Nationaal Natuurhistorisch Museum Naturalis, KNNV Uitgeverij & European Invertebrate Survey-Nederland, Leiden.