Overslaan en naar de inhoud gaan

Duintandklauw Calathus mollis

Foto: Dick Belgers

Indeling

Harpalinae [subfamilie]
Calathus [genus] (8/8)
mollis [soort]

Nachtactief. Voortplanting in het najaar. Top van de ovipositie vanaf begin september tot half oktober. De larve overwintert, de ‘verse’ dieren verschijnen voor het overgrote deel in de eerste helft van juni (Aukema 1990a). De adulte dieren houden een korte zomerparapauze. De larve is opgenomen in de tabellen van Arndt (1991) en Luff (1993).

Dispersie: macropteer. Lindroth (1945) noemt de soort voor Scandinavië dimorf, maar maakte nog geen onderscheid tussen C. mollis en cinctus. In onze streken zijn alleen macroptere individuen aangetroffen (Aukema 1990a, 1990b; Bangsholt 1983, Desender 1986, Luff 1998). Bij metingen die verricht zijn aan het Belgische materiaal zijn nooit volledig ontwikkelde vliegspieren of vliegspieren in autolyse aangetroffen (Desender 1989a). Aukema (1990a, 1995b) berichtte dat de soort in het laboratorium in staat was om zowel vliegspieren te ontwikkelden als frequent vlieggedrag te vertonen. Ondanks herhaalde pogingen was dit niet gelukt bij Scandinavische dieren ((Lindroth 1945, 1949), vrijwel zeker betrof het bij deze experimenten ook dieren van C. cinctus (Lindroth 1986).

Bron

Auteur(s)

Turin, H.

Publicatie

  • Turin, H. 2000. De Nederlandse loopkevers, verspreiding en oecologie (Coleoptera: Carabidae). Nederlandse Fauna 3: 1-666. Nationaal Natuurhistorisch Museum Naturalis, KNNV Uitgeverij & European Invertebrate Survey-Nederland, Leiden.