Overslaan en naar de inhoud gaan

Bosgrootoogkever Asaphidion curtum

Foto: Tim Faasen

Indeling

Trechinae [subfamilie]
Asaphidion [genus] (5/4)
curtum [soort]

Ook voor deze soort geldt dat de verwarring met andere soorten uit de A. flavipes-groep niet bijdraagt aan een duidelijk beeld. De soort zou voorkomen in min of meer beschaduwde terreintypen in leemgroeven, op cultuurgronden en langs rivieroevers, voornamelijk op vochtige kleibodems (Jørum & Mahler 1985, Lindroth 1985). Ook loofbossen (Lindroth 1985., Bauer et al. 1998) worden genoemd en dit is goed in overeenstemming met de eerste indruk die Muilwijk & Heijerman (1991) uit recente vangpotgegevens kregen. De vangsten uit bossen in de Peel en de Grebbeberg bleken zonder uitzondering A. curtum te betreffen; hier aldus ook op veen- en zandbodems. Volgens Luff (1998) meer dan A. flavipes op zand- en fijne silt-bodems

Vangpotten. Zie ‘biotopen’ en onder A. flavipes.

Bron

Auteur(s)

Turin, H.

Publicatie

  • Turin, H. 2000. De Nederlandse loopkevers, verspreiding en oecologie (Coleoptera: Carabidae). Nederlandse Fauna 3: 1-666. Nationaal Natuurhistorisch Museum Naturalis, KNNV Uitgeverij & European Invertebrate Survey-Nederland, Leiden.