Overslaan en naar de inhoud gaan

Berglangtars Trichotichnus nitens

Indeling

Harpalinae [subfamilie]
Trichotichnus [genus] (2/2)
nitens [soort]

Nachtactief. Voortplanting in het voorjaar. Overwintering als volwassen dier onder mos en in oud hout, vooral boomstronken. De larve is onbekend.

Dispersie: seksegebonden vleugeldimorfie. De mannetjes zijn gevleugeld, de vrouwtjes steeds brachypteer (vergelijk T. laevicollis). De vleugels zijn bij T. nitens gemiddeld groter dan bij T. laevicollis, ook een groter aandeel van de in Belgiƫ onderzochte populatie bezat volledig ontwikkelde vliegspieren (Desender 1989a). Dit wijkt af van de verwachting voor een soort die strikter aan stabiele bossen gebonden is.

Bron

Auteur(s)

Turin, H.

Publicatie

  • Turin, H. 2000. De Nederlandse loopkevers, verspreiding en oecologie (Coleoptera: Carabidae). Nederlandse Fauna 3: 1-666. Nationaal Natuurhistorisch Museum Naturalis, KNNV Uitgeverij & European Invertebrate Survey-Nederland, Leiden.