Overslaan en naar de inhoud gaan

Berglangtars Trichotichnus nitens

Indeling

Harpalinae [subfamilie]
Trichotichnus [genus] (2/2)
nitens [soort]

Voorkomen

StatusOorspronkelijk. Minimaal 10 jaar achtereen voortplanting. (1a)
Habitatland
ReferentieCarabidae. In: Catalogus van de Nederlandse kevers (Coleoptera)
ExpertTurin, H.

Areaal

Europese soort, met een beperkter verspreiding dan die van T. laevicollis. In hoofdzaak montaan vanaf de Jura, Vogezen en de lagere West-Alpen (Savoie en Dauphiné) in Frankrijk, naar het oosten tot het Ertsgebergte en de Oder; in Oostenrijk in Tirol (Marggi 1992). Verder in grote delen van Italië (Magistretti 1965, Vigna Taglianti 1993) maar niet op de grote eilanden. Areaalkarakteristiek: 2, Nederland: marginaal. 

Verspreiding in Europa

In Nederland beperkt tot de Zuid-Limburgse bossen, evenals de voorgaande soort, maar algemener dan deze. Niet op de Britse Eilanden, in Denemarken of in Fennoscandië. In Duitsland vooral verbreid in het westen, in het Rheinland, Hessen en Baden-Württemberg, naar het oosten toe steeds zeldzamer (Horion 1941), over het geheel genomen in een kleiner gebied dan T. laevicollis (Trautner & Müller-Motzfeld 1995). In Zwitserland met name in het noorden en westen zeer verbreid (Marggi 1992). In België sterker dan T. laevicollis beperkt tot de Ardennen in het oosten (Desender 1986). Zeldzaam in Vlaanderen (Desender et al. 1995).

Status: in Nederland en België is het aantal waarnemingen stabiel of wellicht iets gestegen (Desender & Turin 1986, 1989).

 

Bron

Auteur(s)

Turin, H.

Publicatie

  • Turin, H. 2000. De Nederlandse loopkevers, verspreiding en oecologie (Coleoptera: Carabidae). Nederlandse Fauna 3: 1-666. Nationaal Natuurhistorisch Museum Naturalis, KNNV Uitgeverij & European Invertebrate Survey-Nederland, Leiden.