Overslaan en naar de inhoud gaan

Slanke halmklimmer Ophonus puncticeps

Foto: Tim Faasen

Indeling

Harpalinae [subfamilie]
Ophonus [genus] (13/10)
puncticeps [soort]

Dagactief. Volgens Marggi (1992) voortplanting in het voorjaar; Hij vond overwinterende imago’s tussen plantenwortels in een lichte vegetatie, maar Lindroth (1945) veronderstelde herfstvoortplanting op grond van de grote activiteit van de adulten in augustus-september en het optreden van ‘verse’ dieren in mei-juni. Het beeld van Lindroth sluit beter aan bij de verdeling van de vangsten in Nederland en Denemarken (Larsson 1939). Desender (1989a) vermeldde dat O. puncticeps tot de soorten behoort, waarvan de adulten waarschijnlijk pas in het jaar na de ontpopping tot reproductie komen. In het najaar worden de volwassen dieren vaak in aantal aangetroffen in de dichtgeklapte, verdrogende schermen van wilde peen (Daucus carota), waarvan de zaden ook de belangrijkste voedselbron voor de larven vormen (Brandmayr & Zetto-Brandmayr 1975b). De larve maakt een voorraadkamer met zaden van peen, waarin ook de verpopping plaatsvindt. De larve is opgenomen in de tabellen van Arndt (1991) en Luff (1993).

Dispersie: macropteer. Vele vliegwaarnemingen zijn bekend.

Bron

Auteur(s)

Turin, H.

Publicatie

  • Turin, H. 2000. De Nederlandse loopkevers, verspreiding en oecologie (Coleoptera: Carabidae). Nederlandse Fauna 3: 1-666. Nationaal Natuurhistorisch Museum Naturalis, KNNV Uitgeverij & European Invertebrate Survey-Nederland, Leiden.