Overslaan en naar de inhoud gaan

Oeverspiegelloopkever Notiophilus substriatus

Foto: Dick Belgers

Indeling

Carabinae [subfamilie]
Notiophilus [genus] (8/8)

Voorkomen

StatusOorspronkelijk. Minimaal 10 jaar achtereen voortplanting. (1a)
Habitatland
ReferentieCarabidae. In: Catalogus van de Nederlandse kevers (Coleoptera)
ExpertTurin, H.

Areaal

West- en Zuid-Europa. Het verspreidingsgebied lijkt sterk op dat van N. rufipes. De oostgrens loopt door Duitsland, langs de Elzas in de richting van Noord-Italië, verder doorlopend naar het oosten in Klein-Azië, Syrië en de Kaukasus. Areaalkarakteristiek: 6, Nederland: submarginaal.

Verspreiding in Nederland

In grote delen van ons land, onder andere verbreid op de kleigronden. Op de Britse Eilanden wijd verbreid, inclusief Ierland, maar wat zeldzamer dan N. biguttatus (Luff 1998). In Denemarken en Fennoscandië onbekend. In Duitsland alleen in het westen, in Holstein incidenteel. Westfalen: overal, maar zeldzamer naar het oosten (Rudolph 1976). Rheinland: in het gebied van de Nederrijn (Horion 1941). In Zwitserland alleen in het uiterste zuiden en vanwege de grote zeldzaamheid op de Rode Lijst (Marggi 1992). In België vooral in het westelijk deel, zeldzaam in de Ardennen en Luxemburg (De Sender 1986). In Noord-Frankrijk in de Elzas (Horion 1941).

Status: voor Nederland en het gehele omliggende gebied is het voorkomen stabiel te noemen.

Bron

Auteur(s)

Turin, H.

Publicatie

  • Turin, H. 2000. De Nederlandse loopkevers, verspreiding en oecologie (Coleoptera: Carabidae). Nederlandse Fauna 3: 1-666. Nationaal Natuurhistorisch Museum Naturalis, KNNV Uitgeverij & European Invertebrate Survey-Nederland, Leiden.