Nederlands Soortenregister

Overzicht van de Nederlandse biodiversiteit

Rhododendroncicade Graphocephala fennahi

Foto: Hans Jonkman

Indeling

Cicadellidae [familie]
Graphocephala [genus] (1/1)
fennahi [soort]

Voorkomen

StatusExoot. Tussen 10 en 100 jaar zelfstandige handhaving. (2b)
Habitatland
ReferentieNaamlijst van de in Nederland voorkomende cicaden (Homoptera, Auchenorrhyncha)
ExpertBieman, K. den (EIS Kenniscentrum Insecten en andere ongewervelden)

De rododendroncicade komt oorspronkelijk uit Noord-Amerika. In 1933 (China 1935) en mogelijk ook nog iets eerder (Endrestøl 2017) is de rododendroncicade voor het eerst in Europa gevonden en wel in Zuid-Engeland. Daarna heeft het een tijd geduurd voordat het Europee vasteland bereikt werd. De eerste melding stamt uit Zwitserland uit 1971 (Günthart 1971) en daarna is de verspreiding snel gegaan. Sinds 1976 is rododendroncicade als exoot in ons land bekend (Gravestein 1997). Inmiddels komt de rododendroncicade voor in een groot deel van Europa (zie het overzicht in Endrestøl 2017). De noordelijkste waarnemingen stammen uit Noorwegen en de meest oostelijke uit Letland, Hongarije en Griekenland. Deze goed vliegende cicade (regelmatig gevonden in lichtvallen) komt in grote aantallen voor in heel Neder­land op vrijwel alle plekken met een rododendronopstand (parken, tuinen, histori­sche landgoederen, etc). Op dit moment zijn er alleen nog geen waarnemingen bekend van de Waddeneilanden.

De belangrijkste verspreidingswijze over grotere afstanden van de rododendroncicade is waarschijnlijk het transport met plantenmateriaal. De vrouwtjes zetten de eieren af in bloemknoppen en daarin blijven de eieren de hele winter in rust. Het plantseizoen van rododendrons is de late herfst en vooral het voorjaar. Het transport van plantmateriaal vindt daarvoor plaats, dus juist in de periode dat de eieren in de plant zitten en een besmetting met de rododendroncicade niet snel opgemerkt wordt.

Bron

Auteur(s)

Bieman, C.F.M. den