Overslaan en naar de inhoud gaan

Tuinmaskerbij Hylaeus hyalinatus

Foto: Tim Faasen

Indeling

Colletinae [subfamilie]
Hylaeus [genus] (26/22)
hyalinatus [soort]

Beide geslachten van de tuinrnaskerbij hebben opvallend lange wangen. Bij dode mannetjes steekt de achtste buikplaat (stemiet) vaak gedeeltelijk naar buiten. Het vrouwtje is te herkennen aan een scherp uitstekende lijst aan de voorrand van de onderkant van het borststuk. Het is een algemene soort die in het gehele land voorkomt. Hylaeus hyalinatus leeft in allerlei biotopen, zoals duinen, heide, bermen, rivieroevers, ruderale terreinen, emplacementen, spoordijken, groeven, bosranden, parken en tuinen. De soort wordt ook in stedelijke omgeving aangetroffen en Westrich (1989) noemt het daarom een synanthrope soort. De tuinmaskerbij bouwt haar nesten in allerlei holten, zoals dorre stengels van braam (Rubus) en andere kruidachtige planten, rietmatten, steile kanten en in spleten of gaten in muren en in hout. Het is een uitgesproken polylectische soort die een groot aantal verschillende planten bezoekt.

 

Bron

Auteur(s)

Peeters, Th.M.J., Raemakers, I.P., Smit, J.

Publicatie