Overslaan en naar de inhoud gaan

Gewone maskerbij Hylaeus communis

Foto: Susanne Kuijpers

Indeling

Colletinae [subfamilie]
Hylaeus [genus] (26/22)
communis [soort]

Eén generatie. Volgens Westrich (1989b) in Noord-Duits- land met een partiële tweede generatie. Waarschijnlijk geldt dit ook voor Nederland, al is deze tweede generatie niet zichtbaar in het vliegtijddiagram. Nesten worden aangelegd in allerlei bestaande holten en merghoudende plantenstengels: vraatgangen in hout, oude nesten van graafwespen, holten en spleten in muren, stengels van braam, roos en vlier, in oude gallen van galwespen (genus Andricus) op eik en gallen van halmvliegen (genus Lipara) in riet (Benno 1957, Benoist 1959, Diakonoff 1937; Elfving 1951, Westrich 1989b). Ook met graagte in aangeboden kunstmatige nestelgelegenheid (Brechtel 1986, Tscharntke et al. 1998). Bij kunstmatige nestelgelegenheid worden nestholten met een diameter van 3-4 mm het meest bezet (Ruszkowski et al. 1996). De hongerwesp Gasteruption assectator treedt op als parasiet (Tscharntke et al. 1998). Polylectisch (Koster 1986, Westrich 1989b). Buiten het stedelijk gebied veel bloembezoek op akkerdistel, braam, canadese guldenroede, gewone berenklauw en peen. in tuinen en parken vaak op klokjes en vetkruid.

Bron

Auteur(s)

Raemakers, I.P.

Publicatie