Overslaan en naar de inhoud gaan

Rietmaskerbij Hylaeus pectoralis

Foto: Tim Faasen

Indeling

Colletinae [subfamilie]
Hylaeus [genus] (26/22)
pectoralis [soort]

Eén generatie. Nestelt in oude rietsigaargallen van halmvliegen van het genus Lipara (Benno 1952a, 1958a, Elfving 1951, Janvier 1972). Deze gallen worden onderin met aanwezig molm afgedicht, waarna tot acht broedcellen worden gebouwd (Westrich 1989b). Met stukjes rietblad en -stengel wordt de gal vervolgens ook van boven gesloten. incidenteel wordt gebruik gemaakt van afgebroken rietstengels en mogelijk ook van dorre braamstengels (Westrich 1989b). Door graafwespen of Hylaeus pectoralis bewoonde rietsigaargallen zijn vaak te herkennen aan hun pluimvormig uit elkaar geplozen top. Dit is het werk van mezen, vooral de pimpelmees, die de gallen in de winter afstruinen en openhakken, op zoek naar voedsel. Hierbij gaan doorgaans alleen de bovenin gelegen larven verloren. De gallen zijn zo sterk verhout dat de onderin gelegen larven voor mezen onbereikbaar zijn (Westrich 1989b). Polylectisch. In Nederland aangetroffen op braam, gewone berenklauw, gewone engelwortel, grote kattenstaart, knopig helmkruid, tormentil en vederdistel.

 

Bron

Auteur(s)

Raemakers, I.P.

Publicatie