Overslaan en naar de inhoud gaan

Gehoornde metselbij Osmia cornuta

Foto: Martien van den Heuvel

Indeling

Megachilinae [subfamilie]
Osmia [genus] (14/12)
cornuta [soort]

Eén generatie. Een van de vroegst vliegende Nederlandse bijen: bij temperaturen van meer dan I0°C verschijnen de eerste dieren vaak al in februari. Overwintering vindt plaats als volwassen dier in een cocon. Nesten worden in bestaande holten aangelegd, vaak in gaten in muren, soms in leemwanden en tegenwoordig steeds meer in holle stengels en boorgaten in hout van op bijen gerichte nesthulp. Gaten met doorsnede van 7-9 mm genieten de voorkeur (Brechtel 1986, Westrich 1989b). Oude nesten worden vaak hergebruikt. De nesten bevatten tot twaalf lineair aangelegde broedcellen, waarbij de tussenwanden en de nestafsluiting worden gemaakt van vochtige leem vermengd met speeksel. Deze leem wordt vaak op één en dezelfde plek verzameld en regelmatig maakt O. cornuta gebruik van dezelfde verzamelplaatsen als O. bicornis (Westrich 1989b; Ivo Raemakers, eigen waarneming). Broedcellen van mannetjes liggen het dichtst bij de nestopening en zij verschijnen in het voorjaar dan ook 4-I2 dagen eerder dan vrouwtjes. De uitkomende vrouwtjes worden opgewacht door de mannetjes die voor de nestplaats zwermen en zitten te wachten bij de nestopeningen. uitgespoken polylectisch, foerageert op een breed spectrum aan vroeg bloeiende plantensoorten. Economisch interessant als bestuiver van fruit, te meer daar de soort bij een groot aanbod bloemvast is (Westrich 1989b) en een efficiëntere en bij lage temperaturen actievere bestuiver blijkt dan de honingbij (Monzon et al. 2004, Vicens & Bosch 2000a, 2000b). In Duitsland worden de cocons van en nesthulp voor O. cornuta commercieel verhandeld.

Koekoeksbijen zijn niet bekend, maar de soort wordt stelselmatig belaagd door de fruitvlieg Cacoxenus indagator, de mijt Chaetodactylus osmiae en incidenteel door de wolzwever Anthrax anthrax (Krunic et al. 2005; Ivo Raemakers, eigen waarneming). Ook zijn er altijd veel diefkevers bij door Osmia cornuta bewoonde nesthulp aanwezig (Brechtel 1986, Westrich 1989b; Ivo Raemakers, eigen waarneming).

 

Bron

Auteur(s)

Raemakers, I.P.

Publicatie