Overslaan en naar de inhoud gaan

Middelste wesp Dolichovespula media

Foto: Martien van den Heuvel

Indeling

Vespidae [familie]
Dolichovespula [genus] (6/6)
media [soort]

Komt hoofdzakelijk voor in cultuurgebieden, zoals groeven, tuinen en parken. Vrouwtjes vliegen van half april tot half september. Vangsten van voor april betreffen waarschijnlijk overwinterende koninginnen. Mannetjes zijn van eind juli tot half september aanwezig.

De middelste wesp nestelt alleen bovengronds in struiken of bomen. Soms wordt het nest aan gebouwen opgehangen. Het is vaak peervormig uitgerekt met de opening iets opzij. Gewoonlijk worden takjes of twijgen van de struik of boom in het nest verwerkt. Het omhulsel is opgebouwd uit vele lagen en daardoor betrekkelijk sterk. Het begin van een nest, dat door de koningin gemaakt wordt, is typisch van vorm, rond en vaak enigszins toegespitst van onderen (peervormig) met een lange, tubevormige ingang. De eerste raat is ook de grootste. Er kunnen twee tot zeven raten worden gebouwd, maar meestal tellen de nesten twee tot vier raten. Het aantal wespen per nest ligt gemiddeld rond de 130 (Weyrauch 1935). Overwinterende koninginnen zijn in rottend hout gevonden. De nesten worden vaak belaagd door de sluipwesp Sphecophaga vesparum (Ichneumonidae) (Blüthgen 1961). Meer over de biologie is te lezen in Haeseler (1986) en Weyrauch (1935).

Bron

Auteur(s)

Lefeber, V., Peeters, Th.M.J., Smit, J.T.

Publicatie