Overslaan en naar de inhoud gaan

Gewone muurwesp Ancistrocerus parietum

Foto: Dick Belgers

Indeling

Vespidae [familie]
Ancistrocerus [genus] (12/12)
parietum [soort]

Bewoont voornamelijk ruderale terreinen, met inbegrip van groeven, en verder in tuinen en parken. De vliegtijd is erg lang en loopt van half april tot eind september, met zelfs enkele meldingen uit oktober. Mogelijk hebben meldingen uit maart en april betrekking op gekweekte exemplaren. Uit kweekresultaten is gebleken dat de soort in twee generaties vliegt (Blüthgen 1961).

Het nest wordt aangelegd in allerlei bovengrondse holten, bijvoorbeeld in muren en houten palen. Volgens Wilcke (1952) wordt het ook wel in zandgrond gebouwd, maar dan vaak met een schoorsteentje voor de nestingang; dit mag echter betwijfeld worden, waarschijnlijk gaat het hier om een Odynerus soort. Walrecht (1948) noemt nog een uitzonderlijke nestplaats, namelijk in lege zeepokken die waren achtergebleven na de inundatie van Walcheren.

Als prooidieren worden rupsen van microlepidoptera en kleine soorten macrolepidoptera gebruikt. Als parasiet treedt de goudwesp Chrysis ignita (Chrysididae) op. 

Bron

Auteur(s)

Lefeber, V., Peeters, Th.M.J., Smit, J.T.

Publicatie