Overslaan en naar de inhoud gaan

Diodontus minutus

Foto: Dick Belgers

Indeling

Crabronidae [familie]
Diodontus [genus] (4/4)
minutus [soort]

Heeft een voorkeur voor warme biotopen met zandige bodem, ook vaak in stedelijke omgeving. Vliegtijd van april tot half oktober. Nestelt in zandbankjes of hellingen, vaak in kolonies samen met D. tristis. Nesten bestaat uit ca. 10 cm lange hoofdgang met 10 tot 15 zijgangen. Aan het eind van elke zijgang één cel. Prooi zijn gevleugelde bladluizen (Aphididae, Thelaxidae), tot ongeveer 30 per cel.

In Nederland is de mierwesp Myrmosa atra als parasiet vastgesteld. Ook de niet-inheemse goudwesp Chrysis leachii is als parasiet bekend. 

Bron

Auteur(s)

Lefeber, V., Klein, W.F.

Publicatie