Overslaan en naar de inhoud gaan

Donker pimpernelblauwtje Phengaris nausithous

Foto: Paul Kersten

Indeling

Polyommatinae [subfamilie]
Phengaris [genus] (4/4)
nausithous [soort]

Voorkomen

StatusOorspronkelijk. Minimaal 10 jaar achtereen voortplanting. (1a)
Habitatland
ReferentieAtlas van de Nederlandse dagvlinders
ExpertSwaay, C. van (De Vlinderstichting)

Trend

Trend gehele periode: Matige afname
Trend laatste 10 jaar: Sterke toename

Bron: Vlinderstichting, CBS (via Netwerk Ecologische Monitoring)

 

Mobiliteit, verspreiding en trend

Het donker pimpernelblauwtje is een honkvaste vlinder. Vrouwtjes vliegen slechts korte stukjes van het ene bloemhoofdje naar het andere, mannetjes houden langere patrouillevluchten. Binnen hun leefgebied verplaatsen de vlinders zich vrijwel niet. Individuen worden doorgaans binnen 10 meter van de plek van een eerdere waarneming teruggevonden. Geschikte plaatsen met waardplanten en mieren, die verder dan 50 tot 100 meter van een bestaand leefgebied liggen, worden zelden gekoloniseerd. Dat gebeurt alleen in jaren waarin zeer veel vlinders vliegen. Binnen hun leefgebied vliegen de vrouwtjes gemiddeld zes meter per dag en de mannetjes acht meter. Ondanks deze schijnbare geringe mobiliteit zijn er vondsten van vlinders op ruim vijf kilometer van een bestaande populatie. Verplaatsingen verder dan één kilometer zijn zeldzaam, maar komen vaker voor dan bij het pimpernelblauwtje. Het donker pimpernelblauwtje is dan ook mobieler dan het pimpernelblauwtje. (Wynhoff 2001, Settele 1998, Pfeiffer et al. 2000, Binzenhöfer & Settele 2000, Wynhoff et al. 2000).

Het donker pimpernelblauwtje komt voor van Zuid-Nederland en Noord-Spanje tot de Oeral en de Kaukasus. De soort is vooral te vinden in Midden-Europa maar er zijn geïsoleerde populaties in Noord-Spanje en Oost-Frankrijk. De eerste gedocumenteerde waarneming in Nederland stamt uit 1897. Aan het begin van de vorige eeuw was de soort zeld-zamer dan het pimpernelblauwtje en kwam vooral in het Roer- en Maasdal in Limburg voor. Daarom heette deze vlinder vroeger roerblauwtje. Geleidelijk werd de soort zeld-zamer, maar de achteruitgang kende een veel grilliger verloop dan bij het pimpernelblauwtje. Zo nam hij in de jaren zestig weer even toe, vermoedelijk profiterend van de verruiging van hooilanden in deze periode. Aan het begin van de jaren zeventig verdween de laatste vliegplaatsen in het Roerdal (li) door een veranderd beheer en massaal wegvangen (vliegplaats nabij St. Odiliënberg), een veranderd beheer (nabij Melick), de aanleg van een camping en de omzetting van hooiland in maïsakkers en weilanden (Elfenmeer, nabij Herkenbosch). (Latiers 1897, Hendriks & Zuyderduyn 2002).

Het donker pimpernelblauwtje is in 1990 geherintroduceerd bij Den Bosch. De vlinders zijn afkomstig uit Polen. Er zijn 22 mannetjes en 48 vrouwtjes vrijgelaten, tegelijk met een aantal pimpernelblauwtjes. Na de herintroductie vestigde de soort zich langs een spoordijk. In 1993 ontstond er een tweede populatie op 600 meter afstand in een wegberm. Het daaropvolgende jaar vestigde de soort zich op ca vijf km afstand, wederom in een wegberm. Sinds 1996 nemen de aantallen vlinders echter weer af en in 2004 zijn er in het betreffende gebied slechts enkele individuen op twee plaatsen waargenomen. Ook langs het Afwateringskanaal 's-Hertogenbosch-Drongelen werden in 2003 enkele individuen gevonden, maar in 2004 vloog de soort ook daar niet meer.

Spectaculair was de vondst van verscheidene donkere pimpernelblauwtjes in 2001 in de omgeving van Posterholt (li). Toen werden op vier plaatsen zwervende vlinders gezien. Op één plaats heeft de soort zich gevestigd en daar zijn tussen 2003 en 2005 enkele tientallen vlinders gezien. De bron-populatie van deze vlinders is onbekend, vermoedelijk zijn ze uit Duitsland afkomstig. De soort vloog in de periode tussen 1992 en 1998 nabij Ophoven in het Duitse Roerdal, slechts enkele kilometers van de Nederlandse grens. Deze populatie is verdwenen door een verkeerd maaibeheer. De dichtstbijzijnde bekende populatie was lange tijd bij Krefeld, circa 40 km van de Nederlandse grens. Recent onderzoek heeft aangetoond dat de soort nu ook op andere plaatsen in het Duitse Roerdal voorkomt, en vermoedelijk zijn de Nederlandse vlinders afkomstig van een populatie die daar heeft overleeft. (Hendriks & Zuyderduyn 2002).

Uit het Landelijk Meetnet Vlinders blijkt dat de aantallen van het donker pimpernelblauwtje de afgelopen vijf jaar met meer dan 50% is afgenomen. Op dit moment vliegt de soort in zeer kleine aantallen. De Limburgse en de Brabantse populaties zijn zeer klein en kwetsbaar, en behoud van de soort is op beide plaatsen lang niet zeker. Het donker pimpernelblauwtje is dan ook een uiterst zeldzame standvlinder die acuut met uitsterven bedreigd is. (Wynhoff 1998a, Wynhoff et al. 2000, Wynhoff & Janssen 2000, Anonymus 2002, Van Swaay & Plate 2004).

Bron

Auteur(s)

Wynhoff, I., Swaay, C. van, Groenendijk, D., Bosveld, M., Bos, F.

Publicatie