Overslaan en naar de inhoud gaan

Mediterraan kustdraaigatje Tapinoma darioi

Foto: Theodoor Heijerman

Indeling

Dolichoderinae [subfamilie]
Tapinoma [genus] (11/6)
darioi [soort]

Tapinoma darioi is een vrij klein zwart miertje dat in Nederland in het stedelijke gebied voorkomt. De soort kan (bij het voorkomen van een klein nest) snel over het hoofd worden gezien en beschouwd worden als de extreem algemene wegmier Lasius niger. Tapinoma darioi behoort echter tot de subfamilie der geurmieren, Dolichoderinae. Veel van de vertegenwoordigers van deze familie – ook Tapinoma – hebben tussen het borststuk en achterlijf één schubvormige knoop, die klein is en van boven niet te zien is omdat het achterlijf er overheen is gebogen. Tapinoma darioi behoort tot het T. nigerrimum-complex, met daarbinnen vier cryptische soorten die uitermate lastig zijn te onderscheiden en waarvan wordt gedacht dat ze ook kunnen hybridiseren (Seifert et al. 2017).

De werksters, vrouwtjes en mannetjes van mieren uit het T. nigerrimum-complex zijn moeilijk te onderscheiden van onze twee inheemse Tapinoma-soorten, het heidedraaigatje T. subboreale en het mergeldraaigatje T. erraticum. In Nederland komt er in gebouwen ook nog een van oorsprong tropische soort voor: het spookdraaigatje T. melanocephalum, die door zijn tweekleurigheid echter wel gemakkelijk te onderscheiden is.

Tapinoma-soorten buiten het nigerrimum-complex uit Europa en aangrenzende regio’s zijn wel helemaal zwart en als groep goed te herkennen door de inkeping in de clypeus (‘bovenlip’), met uitzondering van T. pygmaeum (die ook in ons land voorkomt als overlastgevende exoot, Boer et al. 2017). Het onderscheid tussen de werksters is echter lastig (Berville et al. 2013, Seifert et al. 2017). Het determinatiewerk van Boer (2015) geeft een sleutel voor het onderscheid tussen T. subboreale, T. erraticum en T. nigerrimum-complex. Kenmerken van de werksters zijn echter variabel, dus het is altijd noodzakelijk om meerdere werksters te verzamelen. Bij T. subboreale is de clypeusinkeping breder dan diep, terwijl die bij de andere twee soorten dieper is dan breed. Tussen T. erraticum en soorten uit het T. nigerrimum-complex zijn ook verschillen te vinden in de clypeus: de clypeusinkeping is bij T. erraticum even diep of net iets dieper dan breed en bij de soorten uit het nigerrimum-complex duidelijk dieper dan breed.

In Europa komen elf Tapinoma-soorten voor (Borowiec 2014, Seifert et al. 2017). Hieronder bevinden zich wellicht nog soorten die ook in Nederland terecht zouden kunnen komen, waaronder T. ibericum, T. simrothi en T. pygmaeum. De eerste twee soorten zijn nauwelijks te onderscheiden van T. darioi; de laatste soort heeft geen clypeusinkeping.

Het determineren van Tapinoma-soorten is uitermate lastig. Exemplaren kunnen opgestuurd worden naar EIS Kenniscentrum Insecten